<SCRIPT SRC="//secure.adnxs.com/ttj?id=10195025&cb=[CACHEBUSTER]&referrer=hartvanrijssen.nl&pubclick=[INSERT_CLICK_TAG]&postcode=745,746" TYPE="text/javascript"></SCRIPT>

De bijzondere historie van Rijssen: Tichelwerk en leemkoelen, goudmijnen der ingezetenen

RIJSSEN - Volgens het door meester W.J.C. van Wijngaarden (1818- 1882) uitgegeven boek, genaamd 'Met n oaln Màester biej n Heard' ligt het stedeke Rijssen heerlijk in een dal. Het is omgeven aan de west- en zuidzijde door de Lichten- en Vriezenberg; terwijl het van die kant ook nog door een uitgebreid veen van het Dorp Holten en dus van Salland gescheiden wordt.

In het Zuidwesten of meer naar de kant van Markelo, vond de reiziger de zogenaamde leemkoelen en het tichelwerk, die beide waren de goudmijnen der ingezetenen. Ook het veen brengt niet weinig bij om den bloei der stad te vermeerderen, omdat er jaarlijks voor duizenden guldens turf daaruit wordt vervoerd. Dit veen moet zijn ontstaan te danken hebben, aan een vreselijke orkaan, vergezeld van zwaar onweer. Er werden namelijk bomen van meer dan een meter middellijn in de grond gevonden, allen met een brandkorst omgeven en allen met de toppen naar het zuidoosten gelegen. Dit woeden der natuur moet in 't najaar plaats gehad hebben, daar op de bodem nog volwassen hazelnoten gevonden worden. Ook is het opmerkelijk dat op die plek in het veen en alleen maar op die plek alle bekende vruchtbomen groeien, doch alleen in miniatuur. Men vindt er verschillende soorten van appels, peren, pruimen en dergelijke, die niet groter zijn dan een grauwe erwt en een bittere smaak hebben. Jammer dat de spade ook dit plekje niet gespaard heeft. Waar men ze vroeger in menigte vond, zijn ze nu een zeldzaamheid.

Menselijk lichaam
Als bijzonderheid wordt verhaald dat omstreeks 1800 op de zogenaamde ''Heidense ril' (een gedeelte van de leemkoelen) bij het graven van leem op een aanmerkelijke diepte het geraamte van een mens werd gevonden. Bij het geraamte trof men een houweel en een leren zakje aan. In het zakje zat een onbeschadigd zilveren muntje ter grootte van een kwart gulden en geslagen onder de regering van Keizer Commodus, die leefde van het jaar 161 tot 192. Het was een teken welk zeer pleit voor de vroegere bevolking van deze streek.

Dick Tukkers


<SCRIPT SRC="//secure.adnxs.com/ttj?id=10195025&cb=[CACHEBUSTER]&referrer=hartvanrijssen.nl&pubclick=[INSERT_CLICK_TAG]&postcode=745,746" TYPE="text/javascript"></SCRIPT>
Meer berichten
 
Auto zoeker
<SCRIPT SRC="//secure.adnxs.com/ttj?id=10195036&size=160x600&promo_sizes=120x600&cb=[CACHEBUSTER]&promo_alignment=center&referrer=hartvanrijssen.nl&pubclick=[INSERT_CLICK_TAG]&postcode=745,746" TYPE="text/javascript"></SCRIPT>
<SCRIPT SRC="//secure.adnxs.com/ttj?id=10195026&cb=[CACHEBUSTER]&referrer=hartvanrijssen.nl&pubclick=[INSERT_CLICK_TAG]&postcode=745,746" TYPE="text/javascript"></SCRIPT>