
Familie Wibbelink legt dialect vast
AlgemeenHOLTEN - Wat begon met het samenstellen van een woordenlijst is uitgemond in een boek met dialect verhalen en meer. De dames Wibbelink willen graag dat het ‘Hooltns’ dialect actueel blijft. En dat het ook speelt onder een groot deel van de Holtense bevolking blijkt wel uit de meer dan duizend leden die de Facebookpagina telt. Inmiddels is er een boek met de toepasselijke titel “Ik proate Hooltns, ie ok”.
“Voor ons is Hooltns niet belangrijk, maar gewoon”, vertelt Ingrid, één van de drie zussen die samen met moeder Gerda Wibbelink de initiatiefnemers zijn van dit project. “Wij leerden pas ‘Nederlands’ toen wij op school zaten.” Volgens de dames praat elke generatie minder dialect en dan ook nog niet het ‘originele’ Holtense dialect met de specifieke woorden en uitdrukkingen. “Ze leren pas later als ze achttien zijn of zo, dialect praten, maar dan is het een vertaling van het Nederlands”, vertelt Henny Wibbelink en geeft een voorbeeld. “Een jongere die zegt ‘ik ga naar huis’ vertaalt dat in het dialect als ‘Ik goa noar huus’, terwijl mijn vader, die helaas niet meer leeft, zou hebben gezegd: “Ik goa op huus op an’, dat is het verschil tussen het dialect wat ze nu leren en het authentieke dialect met een eigen woordenschat.” Wat nu precies de standaard is blijkt eenvoudig. Iedereen die dialect praat in Holten, praat ‘Hooltns’. “Als je maar in Holten woont, hebt gewoond of er een binding mee hebt”, zegt Ingrid. “Dat is het uitgangspunt van het boek geweest.”
Het begon allemaal met het maken van een lijst met woorden die anders zijn dan in het Nederlands. “Een ‘bolle’ is het dialect voor stier, een totaal ander woord”, verduidelijkt Ingrid. Toen er aandacht werd besteed in een column ging het rollen. Een goede zet was het aanmaken van een Facebookgroep, met in korte tijd meer dan duizend leden. “En daar kregen we van maart tot en met juni elke dag berichten van. Ongelofelijk wat een ideeën en energie. Alles was welkom wat dat betreft”, zegt Henny. Van alles wat er binnenkwam werd een selectie gemaakt en het werd de dames ook duidelijk dat het geen woordenboek moest worden. “Want wie leest er nu een woordenboek, hartstikke saai”, zegt Henny. Er moest dus een andere vorm komen en gekozen werd voor verhalen, geschreven in het dialect door dertig verschillende Holtenaren. Daarnaast is elk verhaal ook in Nederlands toegevoegd én opgenomen. “Het is natuurlijk supermooi als je een verhaal hoort, maar hoe lees je het en spreek je de woorden uit. Toen hebben we Ruben Haneveld gevraagd om elk verhaal op te nemen met degene die het heeft geschreven. Er staat bij elk verhaal een QR code die direct verwijst naar de opname op Spotify”, vertelt Henny. De illustraties zijn van Juliët Nijland en het boek is vormgegeven door Reclamemakers.
De presentatie is vrijdag 3 november in de Kelderklasse. Bij de Oudheidkamer Hoolt’n kan het worden gekocht. Of het voor de Wibbelinks hierna ophoudt is nog niet duidelijk. “Eerst de presentatie afwachten, maar ik zou het wel gaaf vinden als de basisscholen aandacht gaan besteden aan het “Hooltns’, met dit boek als leidraad”, zegt Ingrid tenslotte. Voor moeder Gerda Wibbelink was het vooral leuk om nog meer dan anders veel bij elkaar te zijn om over het project te overleggen. Wat dat betreft heeft het ‘Hooltns’ een verbindende factor.