Foto:

De bijzondere historie van Rijssen: 1.000 werknemers in de jute

RIJSSEN - Ter Horst & Co is een overheersende positie in gaan nemen eind jaren achttienhonderdtachtig. Het bedrijf is uitgegroeid tot een grootindustrie waarmee zich op dat moment geen enkel bedrijf in Rijssen kan meten en waaraan een school met tweehonderd kinderen, een ziekenfonds en een ondersteuningsfonds verbonden is.

Ongeveer duizend Rijssenaren verdienen hun dagelijks brood in de fabrieken aan de Beek en aan de Boomkamp. Er wordt in het jaar 1888 ongeveer vier miljoen kilo garen gesponnen, waarvan zakken en pakdoek wordt geweven. De firma is voor een deel overgenomen door Van Heek & Co en levert aan het Nederlandse ministerie van justitie en heeft goeden in consignatie (toezending van goederen voor de verkoop voor rekening van de toezender) in plaatsen als Baltimore, Philadelphia, Valparaiso, Havanna en Odessa. Op 20 oktober 1888 overlijdt de oudste firmant, Gerrit Hendrik, hij is dan eenenveertig jaar oud. De zaken worden voortgezet door Auke Hayo die nu wordt bijgestaan door zijn veel jongere broer Jan, hoewel deze nog niet in de firma was opgenomen. De twee moeten veel moeite doen de firma op het oude niveau te houden. Hoewel Ter Horst & Co de enige overgebleven juteproducent van betekenis is, wordt toch steeds meer concurrentie ondervonden, voornamelijk van de jutefabrieken in Brits Indië. Er moeten maatregelen worden genomen om de strijd vol te houden.

Meer machines en harder werken
In het begin van het jaar 1890 worden meerdere spin- en weefmachines besteld en de Rijssense arbeiders moeten harder werken om het zelfde loon te behouden, waardoor er weer veel weerstand ontstaat tegen de leiding van de firma. Een slecht jaar voor de jute- industrie is het jaar 1891. Dat is het gevolg van het mislukken van de juteoogst . Hierdoor stijgen de prijzen van de grondstof zonder dat dit kan worden doorberekend in de prijzen en de producten. Ook het jaar 1893 is een ongunstig jaar, want er heerst een financiële wereldcrisis en de grondstoffen stijgen in prijs. Toch biedt de fabriek nog steeds aan duizend mensen werkgelegenheid. Het aantal spillen is uitgebreid tot ruim vijfduizend. De productie van garen is niet gestegen, ongeveer vier miljoen kilo. De crisis zet door tot het jaar 1894 en treft vooral de jute-industrie. In een volgend artikel zien we dat het vanaf het jaar 1895 weer beter gaat in de jute- industrie.
 

Dick Tukkers

Meer berichten
 
Auto zoeker